Bijstandsuitkering (algemene bijstand)
De Wet werk en bijstand (WWB) is een voorziening voor inwoners van 18 jaar en ouder die niet genoeg inkomen of vermogen hebben om van te leven, en die geen recht hebben op een andere uitkering. Bijstand is tijdelijk. U moet uw best doen om zo snel mogelijk weer aan het werk te gaan. Als u een partner of andere meerderjarige gezinsgenoten heeft dan geldt dit ook voor hen. De gemeente kan u helpen om weer aan de slag te gaan.
De bijstandsuitkering is een aanvulling op uw inkomsten tot het normbedrag dat voor u geldt. Bij het bepalen van de hoogte van uw bijstandsuitkering tellen uw inkomsten dus mee. Uw inkomsten kunnen bestaan uit:
- Geld dat u verdient met werken;
- Inkomsten in verband met werk zoals een WW-uitkering;
- Inkomsten van anderen in uw gezin;
- Alimentatie voor uzelf en/of voor uw kinderen;
- Een aantal heffingskortingen van de Belastingdienst.
Bij het berekenen van de hoogte van uw bijstand, houden we ook rekening met uw eigen vermogen. Onder eigen vermogen valt niet alleen spaargeld, maar bijvoorbeeld ook een auto. De waarde van uw eigen huis valt ook onder uw vermogen. Als u meer vermogen hebt dan het vastgestelde bedrag Ide inkomens- en vermogensgrenzen), dan moet u dat eerst opmaken.



